Deze website maakt gebruik van cookies en daarmee vergelijkbare technieken. Dit doen wij om de website goed te laten functioneren, gebruik van de website te laten analyseren en om de gebruikerservaring te optimaliseren. U kunt deze cookies uitzetten via uw browser. Door op akkoord te klikken of door verder gebruik te maken van de website gaat u akkoord met de plaatsing van de cookies. Akkoord Meer informatie

Arbeidsrecht en Sociale media

Week 50-2018

Uit het volgende artikel uit de NRC van 4 december 2018 en de uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland blijkt maar weer eens dat het afreageren van frustraties in de sociale media behalve niet erg chique ook niet zonder risico’s is.

Collega’s in vergelijkbare functies verdienden meer, en dat vond de medewerker onrechtvaardig. Ondanks herhaalde verzoeken veranderde er niets, en dus ging ze zich extern oriënteren. Bij het zoeken naar een nieuwe baan laat de medewerker zich tegenover collega’s in een besloten WhatsApp-groep geringschattend en schertsend uit over haar werkgever. Ook vraagt ze twee van hen of ze mee willen naar de concurrentie – ze denkt dat ze meer kans heeft de baan te krijgen als ze als team overstapt. Haar werkgever krijgt lucht van alles en vraagt de rechter ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van verwijtbaar handelen.Onderkant formulier

 De werkgever voert aan dat ze via WhatsApp „negatieve en gezagsondermijnende uitspraken heeft gedaan over leidinggevenden en directieleden”. En dat de vrouw in een presentatie bij haar potentiële nieuwe werkgever „vertrouwelijke (klant)informatie en foto’s” heeft gebruikt.
De vrouw betwist alle beschuldigingen. Zo zijn de WhatsApp-opmerkingen niet alleen uit hun context gehaald, maar „over het algemeen grappend” bedoeld – passend bij de cultuur binnen het bedrijf. Vertrouwelijke informatie heeft zij zeker niet gebruikt, en de collega’s hebben uit eigen overweging gehandeld.

De rechter ziet het anders. Er is wel degelijk sprake van verwijtbaar handelen: toen de samenwerking tussen de vrouw en de twee collega’s „heimelijk” werd en ook tot doel kreeg de huidige werkgever te schaden. Bovendien waren de uitspraken in de WhatsApp-groep over de grens van het toelaatbare. Het arbeidscontract wordt beëindigd. Een transitievergoeding kent de rechter wel toe: ook al was er de intentie de werkgever te schaden, echte schade is niet geleden, en de negatieve uitspraken in de besloten WhatsApp-groep zijn niet aan derden geopenbaard.

Lees de uitspraak in pdf-formaat
Weten wat BSA voor u kan betekenen? Neem vrijblijvend contact op >

Hebt u vragen? Neem gerust contact op.