Deze website maakt gebruik van cookies en daarmee vergelijkbare technieken. Dit doen wij om de website goed te laten functioneren, gebruik van de website te laten analyseren en om de gebruikerservaring te optimaliseren. U kunt deze cookies uitzetten via uw browser. Door op akkoord te klikken of door verder gebruik te maken van de website gaat u akkoord met de plaatsing van de cookies. Akkoord Meer informatie

BSA brengt advies uit aan de wetgever over het regresrecht van de overheid

Week 11-2018

Het advies werd uitgebracht naar aanleiding van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (hierna: “Wnra”). BSA is al sinds de totstandkoming van de Verhaalswet ongevallen ambtenaren (hierna: “Voa”) onafgebroken voor de Staat (en het overgrote deel van de gemeenten en de politie) de uitvoerder van het regresrecht ingevolge deze wet. Aanvankelijk als onderdeel van het ministerie van Financiën (Bureau Schade-afwikkeling), later als geprivatiseerd bedrijf krachtens aanbesteding voor wat betreft de Staat. Vanuit deze positie hebben wij aan de wetgever via internetconsultatie advies uitgebracht over de wijziging die de wetgever heeft opgenomen in dit wetsvoorstel.

Het wetsontwerp zelf is bedoeld om de aanstelling van de ambtenaren om te zetten in een civielrechtelijke arbeidsovereenkomst. De ambtenaar heeft dan geen ambtelijke status meer, maar is civielrechtelijk werknemer. Dat geldt voor alle ambtenaren waar dan ook werkzaam, behoudens voor de mensen in dienst bij de rechtelijke macht, defensie of de politie. Die blijven echt ambtenaar.

In het licht van deze wijziging heeft de wetgever het verhaalsrecht van de “genormaliseerde ” ambtenaren, dus de ambtenaren die door deze wetgeving civielrechtelijke werknemer worden, onder gebracht onder artikel 6:107A van het burgerlijk wetboek. Zij vallen in dit voorstel dan niet langer onder de Verhaalswet.

Dat kan uiteraard, maar zoals de wetgever het geregeld heeft zal de overheid voor deze “genormaliseerde” ambtenaren enkel een regresrecht hebben voor het tijdens die ziekte doorbetaalde netto loon.

Aldus verliest de overheid een groot deel van haar regresrecht. In de Verhaalswet ongevallen ambtenaren bestaat namelijk ook een regresrecht voor rechtspositionele vergoedingen en uitkeringen, zelfs na ontslag. Te denken valt bijvoorbeeld aan de suppletie na ontslag als het ongeval in en door de dienst is veroorzaakt, er minder dan 35% arbeidsongeschiktheid is volgens het UWV en vergoeding van ziektekosten. Deze aanspraken blijven de “genormaliseerde” ambtenaren behouden, ook na de wetswijziging.

Het verval van dit verhaalsrecht kan bij deze wetswijziging nooit de bedoeling zijn.

BSA heeft de wetgever hierop gewezen en voorgesteld hoe dit regresrecht bij omzetting naar artikel 6:107a BW kan worden meegenomen. Het regresrecht ook meenemen in deze bepaling is simpel, maar het zal wel betekenen dat het regresrecht voor de particuliere werkgever ook wordt uitgebreid. BSA ziet dat niet als een probleem, omdat ook dit past bij een normalisering. Bovendien is deze uitbreiding in feite vrij theoretisch, omdat de particuliere werkgever de hiervoor bedoelde uitkeringen en vergoedingen (vrijwel) niet kent.

Bij een wijziging aldus wordt de grondslag van de vordering van de overheid in lopende zaken gewijzigd. Om te voorkomen dat de lopende aanspraken van de overheid verdampen is het bij deze wijziging bovendien nodig om een overgangsbepaling op te nemen om verjaring te voorkomen.

BSA heeft er vervolgens op gewezen dat dit probleem veel makkelijker is op te lossen en wel door de keuze te maken om de “genormaliseerde” ambtenaren onder de Verhaalswet ongevallen ambtenaren te houden. Dit tast namelijk nergens het gedachtengoed van de normalisering aan. Immers, de Voa gaat niet uit van enig formeel begrip van het ambtenaar zijn, maar enkel van hoe (door wie) de werknemer in overheidsdienst wordt betaald, te weten het betaald worden uit publieke middelen.

Daarom vallen ook nu zowel ambtenaren met een aanstelling als de civiele werknemers die met een civiel contract bij de overheid werken onder de Voa voor wat betreft het verhaalsrecht. Immers, het begrip “ambtenaar” betekent in de Voa: degene die zijn/haar salaris betaald krijgt uit publieke middelen. De paraplu waaronder dit regres plaatsvindt, heeft dan ook niets met de ambtenarenstatus te maken maar enkel met de overheidsstatus van de regresnemer.

Om dit zo te regelen hoeft enkel in artikel 2 van de Voa aanvullend te worden opgenomen dat onder rechtspositionele uitkeringen en vergoedingen ook worden begrepen de uitkeringen en vergoedingen die de werknemers, die bij de overheid werkzaam zijn op arbeidscontract, ontvangen op basis van hun arbeidsovereenkomst of cao.

Bovendien is bij deze wijziging dan geen overgangsbepaling met betrekking tot de verjaring nodig, omdat de grondslag van de lopende regresvorderingen blijft liggen in de Verhaalswet ongevallen ambtenaren.

Wilt u de tekst van ons advies lezen, dan kunt u deze bekijken via de volgende link: https://www.internetconsultatie.nl/normaliseringrechtspositieambtenaren/reacties

Lees de uitspraak in pdf-formaat
Weten wat BSA voor u kan betekenen? Neem vrijblijvend contact op >

Hebt u vragen? neem gerust contact op.