Deze website maakt gebruik van cookies en daarmee vergelijkbare technieken. Dit doen wij om de website goed te laten functioneren, gebruik van de website te laten analyseren en om de gebruikerservaring te optimaliseren. U kunt deze cookies uitzetten via uw browser. Door op akkoord te klikken of door verder gebruik te maken van de website gaat u akkoord met de plaatsing van de cookies. Akkoord Meer informatie

Inspanningsverplichting van school om pesten te voorkomen

Op scholen wordt veel aandacht besteed aan het hebben van respect voor elkaar, zulks mede met het doel dat er niet langer meer gepest wordt. Zo wordt deze week op de lagere scholen van 20 t/m 24 maart De Week van de Lentekriebels gehouden, waarin dit jaar ook het thema is ‘Respect’.

Maar wat nu als al die aandacht toch niet voorkomt dat er op een school zich een pestsituatie heeft voorgedaan? Kan de gepeste leerling dan wel diens ouders de school aanspreken voor de geleden schade?

Uit de rechtspraak blijkt dat de rechter dat maar marginaal zal toetsen omdat het gaat om een inspanningsverplichting. Er zal dan ook niet snel worden aangenomen dat de school aansprakelijk is.

De onderhavige zaak, als voorbeeld, begon eigenlijk omdat de school een leerling wel had laten overgaan maar dan wel naar een speciale klas (2HV). Als voornaamste reden werd aan de ouders bericht dat dit was omdat de jongeman snel was afgeleid in de klas.

De ouders waren van oordeel dat dit het gevolg was van dat de lerares op een bepaald moment een andere leerling naast hun zoon had geplaatst. De zoon had aan de lerares gemeld dat hij niet naast hem wilde zitten omdat hij nogal agressief was. De lerares had enkel gezegd “dat ze er extra op zou letten” maar heeft er verder niets mee gedaan.

De ouders spreken de school aan.

De rechter laat in het midden wat de precieze kwalificatie van de rechtsverhouding is, omdat tussen school en ouders niet (wezenlijk) ter discussie staat dat het handelen van de school moet worden beoordeeld naar de norm van hetgeen van een redelijk handelend en redelijk bekwaam onderwijsinstituut mag worden verwacht.

Op de ouders rust de verplichting hun minderjarige kind op te voeden en te verzorgen.
Hieronder valt de keuze voor een bepaalde school en de verplichting de daaraan verbonden kosten te voldoen. Onder deze omstandigheden kan een school ook ten opzichte van de ouders aansprakelijk zijn voor de schade die voorzienbaar het gevolg is van een tekortkoming of onrechtmatige daad van de school tegen de leerling.

Bij de beoordeling van die vraag stelt de rechtbank voorop dat op een school een zorgplicht rust ten aanzien van de gezondheid en de veiligheid van de leerlingen die aan haar zorg zijn toevertrouwd.
Van een school kan evenwel niet verwacht worden dat zij continu toezicht houdt en ervoor zorgt dat er helemaal niet wordt gepest of dat er zich andere vervelende situaties voordoen. Wel moet een school alle redelijkerwijs te verwachten inspanningen plegen om die situaties zoveel mogelijk te voorkomen of op te heffen. Deze zorgplicht is een slechts marginaal toetsen.

Voor zover de verwijten van de ouders, dat de school de stompende jongen naast hun zoon heeft geplaatst en aldus niet heeft gezorgd voor adequaat onderwijs, geldt dat een school in beginsel de vrijheid heeft het onderwijs naar eigen bevinden in te richten. Ook deze begeleiding kan slechts marginaal door de burgerlijke rechter getoetst worden. De verplichting van een school zorg te dragen voor de kwaliteit van het onderwijs is een inspanningsverplichting. Dit betekent dat de school aan haar verplichting heeft voldaan als zij bij de uitvoering daarvan de vereiste zorg heeft betracht.

De school hanteert kennelijk de methode dat de klassenindeling meermalen per schooljaar wordt gewijzigd. Hierbij wordt in beginsel geen rekening gehouden met de voorkeuren van de leerlingen. Over de reden hiervoor is namens de school verklaard: “Je kunt daarmee voorkomen dat er een run bestaat op de achterste rij en dat er ook voldoende wisseling onder de leerlingen is. Ze leren op die manier ook met meerdere leerlingen samen te werken.” En “Op die manier konden beiden het beste in de gaten gehouden worden en worden bijgestuurd. Op die plaats stonden ze ook onder direct toezicht van de leerkracht.”

Wat men daar ook van mag vinden, het hanteren van een dergelijk systeem behoort naar het oordeel van de rechtbank tot de vrijheid van de school haar onderwijs naar eigen bevinden in te richten.
De rechtbank heeft daarin niet te treden.

Het enkele feit dat de zoon tegen zijn zin naast een drukke leerling werd gezet, maakt niet zonder meer dat sprake is van inadequaat onderwijs.

De rechter neemt op grond van de verklaringen aan dat beiden drukke jongens waren en dat de cijfers van de zoon, ook vóór de plaatsing van de andere jongen naast hem, niet zo goed waren.

De school heeft verder toegelicht dat zij gemeend heeft te moeten ingrijpen en dat besloten is – om een oogje in het zeil te kunnen houden – beide jongens naast elkaar en vooraan in de klas te plaatsen. Gelet op de door het CVO gegeven toelichting is de rechtbank van oordeel dat de school in redelijkheid tot deze beslissing heeft kunnen komen.

Dit laat onverlet dat het wel op de weg van de school ligt de indeling aan te passen als blijkt dat deze leidt tot onaanvaardbare gevolgen voor leerlingen, bijvoorbeeld als leerlingen in ernstige mate last van elkaar hebben.

Volgens de ouders was dit het geval omdat de jongen hun zoon meermalen per dag aantikte en stompte. Dit had als gevolg dat hun zoon zich niet goed kon concentreren.

De rechter oordeelt dan verder op grond van de door partijen gegeven toelichting en de door de ouders in het geding gebrachte producties dat niet kan worden vastgesteld dat de zoon meermalen bij de leraar hierover heeft geklaagd.

Vast staat wel dat zowel de zoon als zijn moeder in ieder geval een keer bij de leraar heeft geklaagd over het feit dat de jongen naast de zoon zat. Het klagen leidt er echter niet zonder meer toe dat de zoon en de jongen uit elkaar gehaald hadden moeten worden. Mede gelet op de bedoeling van het wisselen van de klassenindeling en de specifieke reden waarom beide jongens naast elkaar waren gezet, is het begrijpelijk dat de mentor de zaak eerst wilde aankijken door extra op te letten.
In zoverre kan, in het licht van de te hanteren marginale toets, niet gezegd worden dat de school tekort is geschoten in haar zorgplicht.

Tegenover de stelling van de ouders dat de school in dit specifieke geval onvoldoende adequaat heeft opgetreden om aan het gedrag van de jongen een einde te maken staat dat de school stelt dat docenten noch mentor iets hebben gemerkt dat afwijkt van hetgeen zij op grond van hun professionele deskundigheid en ervaring beschouwden als normaal jongetjesgedrag, bestaand uit wat trekken en duwen.

De rechter vindt vervolgens dat de ouders niet nader concreet hebben toegelicht waarom de leerkrachten vanuit hun ervaring en expertise dit gedrag ten onrechte als zodanig hebben geïnterpreteerd, hetgeen wel op hun weg had gelegen

Verder wijst de rechtbank erop dat de klacht over geweld pas wordt gedaan op het moment dat de school de beslissing nam over de bevordering van de jongen naar 2 HV. Als sprake was van zoveel stompen of slaan als de ouders nu stellen, moet worden aangenomen dat daarover al eerder expliciet zou zijn geklaagd. Daarvan is niet gebleken.

Op grond van het voorgaande moet dan ook aangenomen worden dat de beide jongens wel (enigszins) wild met elkaar omgingen, maar dat dit gedrag niet van dien aard was dat de school had moeten ingrijpen. Gelet hierop is de rechtbank, in het licht van de door haar te hanteren marginale toets, van oordeel dat niet gezegd kan worden dat de school haar plicht heeft geschonden voor een veilig leerklimaat te zorgen.

De klacht van de ouders wordt derhalve afgewezen.

Een andere les die hieruit te trekken valt is een les voor de ouders. Het is goed tijdig aan de bel te trekken en dat ook – als er niets verbetert – steeds opnieuw te blijven doen en dat ook goed te documenteren. Als het dan tot een procedure komt dan komt men beter beslagen ten ijs dan de ouders in deze zaak, waarbij de harde klachten en ook de eerste schriftelijke stukken pas kwamen na de door de ouders niet gewenste overgang naar een andere klas.

Lees de uitspraak in pdf-formaat

Weten wat BSA voor u kan betekenen? Neem vrijblijvend contact op >

Hebt u vragen? Neem gerust contact op.