Deze website maakt gebruik van cookies en daarmee vergelijkbare technieken. Dit doen wij om de website goed te laten functioneren, gebruik van de website te laten analyseren en om de gebruikerservaring te optimaliseren. U kunt deze cookies uitzetten via uw browser. Door op akkoord te klikken of door verder gebruik te maken van de website gaat u akkoord met de plaatsing van de cookies. Akkoord Meer informatie

Regres en duurstuiting. Hoe zit dat?

Week 43-2021

Een zogenaamde duurstuiting geeft u alsnog een mogelijkheid om uw vordering te incasseren terwijl u die anders al kwijt zou zijn geweest. Wim Meuris legt nog eens precies uit hoe dit zit.

Bij een verkeersongeval waarbij de schuldige een motorvoertuig bestuurde, heeft u als regresnemer twee partijen die u kunt aanspreken: de bestuurder van dit motorvoertuig of diens WAM-verzekeraar. De vorderingen vallen onder verschillende verjaringsregimes.

De vordering op de bestuurder verjaart na vijf jaar en moet daarom op grond van artikel 3:310 BW binnen vijf jaar gestuit worden (na een vorige stuiting of na een erkenning waarbij een betaling van een vordering of een deel van de vordering ook geldt als erkenning). De vordering op de WAM-verzekeraar verjaart op grond van artikel 10 van de WAM na drie jaar maar verjaart niet zolang u aan het onderhandelen bent over de afwikkeling van uw regresclaim.

Uiteraard kiest iedere regresnemer er in principe voor om de WAM-verzekeraar aan te spreken. Daar is geld te halen terwijl u dat bij de bestuurder nog maar moet afwachten. En u hoeft u geen zorgen te maken over verjaring want de vordering verjaart immers niet zolang u onderhandelt.

Maar als u zich richt op de verzekeraar, moet u uw vordering op de bestuurder dan in die tussentijd maar blijven stuiten? Nee, gelukkig niet. Dat is geregeld in artikel 10 lid 4 WAM. Zolang de vordering op de ene partij niet verjaard is, is de vordering op de andere partij ook niet verjaard.

Dus als ik de weg heb gekozen om mijn vordering te verhalen op de WAM-assuradeur, dan kan ik – zolang deze vordering niet verjaard is – ook altijd nog terecht bij de bestuurder. Zelfs als de verjaringstermijn van vijf jaar inmiddels verstreken zou zijn. En spreek ik de bestuurder aan en is deze vordering nog niet verjaard, dan kan ik alsnog de WAM-verzekeraar aanspreken ook al is de verjaringstermijn van drie jaar uit de WAM ondertussen verstreken.

Dit heet duurstuiting en geeft u alsnog een mogelijkheid om uw vordering te incasseren terwijl u die anders – zonder duurstuiting – al kwijt zou zijn geweest.

Stel nou dat de WAM-verzekeraar de onderhandelingen rechtsgeldig heeft opgezegd. Dan gaat vanaf dat moment de verjaringstermijn van drie jaar lopen. En stel dat u als regresnemer (alhoewel u dit als deskundige natuurlijk niet zal gebeuren) vergeten bent om binnen die drie jaar te stuiten. Dan kunt u alsnog – binnen vijf jaar na het beëindigen van de onderhandelingen – uw vordering bij de bestuurder (of diens nabestaanden) stuiten (ECLI:NL:GHSHE:2020:1906). Via die bestuurder zal de WAM-verzekeraar alsnog uw claim moeten afhandelen.

Let wel: via deze weg kan de WAM-verzekeraar zich tegenover u als regresnemer wel beroepen op exhoneratieclausules die in de polis tussen de bestuurder en zijn WAM-verzekeraar gelden. Had de bestuurder tijdens het ongeval bijvoorbeeld teveel gedronken, dan kan de WAM-verzekeraar dat aangrijpen om uw claim te weigeren. Terwijl deze dat niet kon en mocht toen u nog een directe claim tegen hem had lopen.

Verder kan het zijn dat pas na het verstrijken van de termijn van vijf jaar blijkt dat de diverse schadeclaims de verzekerde som van de verzekeraar overschrijden. In dat geval kunt u alsnog bij de bestuurder terecht voor zover uw claim meer bedraagt dan u van de WAM-verzekeraar uitbetaald krijgt.

Zoals bij alle zaken waarin een tegenpartij ten onrechte een beroep op verjaring doet, kunnen er wel omstandigheden zijn – zeker als u uw claim pas in een heel laat stadium indient – waarin u een beroep op duurstuiting doet. Dat kwam bijvoorbeeld aan de orde in de volgende uitspraak:

ECLI:NL:RBLIM:2018:2158 De bestuurder was bij het ongeval overleden. De vordering tegen de WAM- verzekeraar had de advocaat laten verlopen. Omdat er nog geen vijf jaar waren verlopen sinds de WAM-verzekeraar de onderhandelingen formeel had beëindigd, had de advocaat daarom de erven van de overleden bestuurder gedagvaard. De vordering was door doorstuiting immers niet verjaard. De rechter achtte dit beroep op rechtsverwerking gegrond. Nooit eerder waren de erven van de veroorzaker aangesproken. Er was geen sprake van een zodanig ongeval dat de erven er na het overlijden van de veroorzaker rekening mee moesten houden dat de claim niet al was afgewikkeld.  Daardoor was er geen mogelijkheid voor de erven om bij de beslissing of ze de nalatenschap wilden aanvaarden hiermee rekening te houden. Terwijl beneficiair aanvaarden niet meer mogelijk was.

Maar als goed regresnemer heeft u tijdens het afwikkelen van uw zaak natuurlijk voortdurend oog voor de mogelijkheid van verjaring. En zo voorkomt u dat ook voor uw opdrachtgever.