Deze website maakt gebruik van cookies en daarmee vergelijkbare technieken. Dit doen wij om de website goed te laten functioneren, gebruik van de website te laten analyseren en om de gebruikerservaring te optimaliseren. U kunt deze cookies uitzetten via uw browser. Door op akkoord te klikken of door verder gebruik te maken van de website gaat u akkoord met de plaatsing van de cookies. Akkoord Meer informatie

Bij wie ligt de aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt op het terrein van de garage?

Week 43-2017

U brengt uw camper naar de garage voor reparatie en parkeert deze op het terrein van de garage. Later op de dag blijkt de spiegel van de camper beschadigd te zijn. Niet bekend is wie die schade heeft veroorzaakt. Wie zal dat betalen?

In deze uitspraak gaat het om de aansprakelijkheid voor schade aan een camper. De eigenaar heeft zijn camper rond 13.00 uur ter reparatie afgeleverd bij het garagebedrijf aangezien er problemen waren met de accu. Hij heeft de camper geparkeerd op het terrein van het garagebedrijf tegenover de servicebalie.

De monteur van het garagebedrijf heeft die middag voor aanvang van zijn werkzaamheden de camper gecontroleerd en toen geconstateerd dat de rechter buitenspiegel was omgeklapt, de spiegelkast beschadigd was en het glas was gebarsten. Het garagebedrijf heeft eerst geprobeerd om een originele Hymer spiegel bij de Hymer dealer te bemachtigen, maar die had geen spiegel voorhanden en heeft daarom de spiegel vervolgens provisorisch gerepareerd en het spiegelglas vervangen. Vervolgens belt het garagebedrijf de eigenaar met de mededeling dat de camper gereed was en opgehaald kon worden. Toen de eigenaar de camper kwam ophalen, is hij door het garagebedrijf geïnformeerd over de spiegelreparatie.

De eigenaar gaat met deze vorm van reparatie niet akkoord en stelt vervolgens het garagebedrijf aansprakelijk voor de schade aan de spiegel. Het garagebedrijf wijst de aansprakelijkheid af.

De rechter stelt dat voldoende is komen vast te staan dat de schade aan de rechter buitenspiegel van de camper moet zijn ontstaan op het terrein van het garagebedrijf.
Rechts langs de plek waar de camper op 19 juli 2016 stond geparkeerd, rijden de hele dag personenauto’s, bestelbusjes en vrachtauto’s van klanten en leveranciers af en aan. Nu de camper een hoogte heeft van ongeveer 2.90 meter en de spiegels zich bevinden op een hoogte van circa 1.80/1.90 meter kan een personenauto de spiegels dus niet raken. Dit leidt naar het oordeel van de kantonrechter tot de conclusie dat het zeer waarschijnlijk is dat de rechterbuitenspiegel is geraakt, en dus beschadigd, door een busje dan wel een vrachtauto van een van de leveranciers van het garagebedrijf. Welke leveranciers er op die bewuste middag langs de camper zijn gereden, is niet te achterhalen.

De kantonrechter is van oordeel dat er in het onderhavige geval sprake is van bewaarneming. De eigenaar heeft zijn camper in het kader van de reparatieopdracht aan het garagebedrijf toevertrouwd, terwijl het bedrijf de camper, na reparatie, aan de man heeft teruggegeven.

Uit die bewaarneming vloeien voor het garagebedrijf als bewaarder een aantal verplichtingen voort. Zo dient zij de zorg van een goed bewaarder in acht te nemen en rust op haar de verplichting om de in bewaring gegeven zaak terug te geven in de staat waarin zij haar heeft ontvangen. De kantonrechter vindt dat het bedrijf aan deze laatste verplichting niet heeft voldaan en daarmee dus is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst.

Vervolgens dient te worden vastgesteld of het bedrijf toerekenbaar tekort geschoten is in haar verplichting om de auto onbeschadigd terug te geven. Voor toekenning van schadevergoeding, zoals door de eigenaar gevorderd, is namelijk toerekenbaarheid vereist. Daarvoor is van belang of het bedrijf bij de bewaring de zorg van een goed bewaarnemer in acht heeft genomen, hetgeen wordt bepaald door de omstandigheden van het geval.

De kantonrechter gaat ervan uit dat de schade is veroorzaakt door een derde, naar alle waarschijnlijkheid een leverancier van het bedrijf. Het incident heeft ’s middags plaatsgevonden, na 13.00 uur, in de buurt van de servicebalie. Het bedrijf heeft ter comparitie verklaard dat elke werkplaatsbeweging plaatsvindt langs de plek waar de camper geparkeerd stond. De rechter meent daarom dat het voor het garagebedrijf voorzienbaar was dat de camper, die een aanzienlijke omvang heeft, op de bewuste plek risico liep om geraakt te worden door passerende voertuigen. De rechter vindt daarom dat het garagebedrijf de camper, die zich na het vertrek van de man in haar macht bevond, had moeten verplaatsen naar een veiligere plek.

Door dit niet te doen draagt het garagebedrijf als professionele partij, naar in het verkeer geldende opvatting, het risico voor het geval er schade ontstaat aan een auto die geparkeerd is op een dergelijke plek. De conclusie is dan ook dat het garagebedrijf gehouden is de schade van de eigenaar te vergoeden.

Lees de uitspraak in pdf-formaat

Weten wat BSA voor u kan betekenen? Neem vrijblijvend contact op >

Hebt u vragen? Neem gerust contact op.